Stel dat een leeflaag na sanering in stand wordt gehouden, maar er hoeft geen nazorgplan te worden opgesteld, hoe zit het dan met de aantekening?

Vraag

Stel dat een leeflaag na sanering in stand wordt gehouden, maar er hoeft geen nazorgplan te worden opgesteld, hoe zit het dan met de aantekening?

Antwoord

In het geval van een leeflaagsanering gelden nazorgverplichtingen die in stand moeten worden gehouden. Daarom moet er ingevolge artikel 39d Wet bodembescherming een nazorgplan worden opgesteld. Eventueel kan het bevoegd gezag bij een minder complexe sanering de beschikking op het evaluatieverslag combineren met een beschikking op het nazorgplan (twee beschikkingen in één document), zolang er maar op beide onderdelen apart wordt beschikt. De instemming met het nazorgplan moet ter inschrijving worden aangeboden, waarbij moet worden aangegeven voor welke percelen een publiekrechtelijke beperking uit de beschikking voortvloeit. Dat zijn de percelen met een ernstige restverontreiniging in de vaste bodem die door de leeflaag worden afgedekt (art. 3 Regeling beperkingenregistratie Wbb). Bij BUS-saneringen hoeft er geen nazorgplan te worden opgesteld. De gebruiksbeperkingen dienen op grond van art. 4.2 lid 1 onder l Regeling uniforme saneringen in het evaluatieverslag te worden opgenomen. In de beschikking instemming met het BUS-evaluatieverslag moet worden vermeld voor welke percelen een publiekrechtelijke beperking aanwezig is (art. 55 Wbb). Art. 15 BUS is dan van toepassing (verplichting voor eigenaar en gebruiker om leeflaag in stand te houden). De instemmingsbeschikking moet in deze gevallen worden ingeschreven.